these roof tiles don’t just shelter – they breathe, grow and heal –
Soft Launch ShadowPorcelain
Tijd: 1 mei 2026 19:30-22:00
Lokatie: SchaduwTuin in het Amstelpark, Amsterdam
Op 1 mei tijdens volle maan vindt de Soft Launch plaats van het gastproject ShadowPorcelain in de SchaduwTuin.
Met een performatieve handeling plaatst kunstenaar Jacqueline Heerema de eerste porseleinen dakpan in een recent ontstane leegte op de omringende tuinmuur.
In 2024 sprak Jacqueline met archeoloog Murakami-sensei in Arita (Japan) over een onverwachte parallel tussen ‘leegte’ in Japans porselein en in Japanse tuinen. Met ‘leegte’ wordt in Japan niet ‘niets’ of ‘afwezigheid’ bedoeld, maar eerder ‘potentie’. Terwijl Jacqueline artist-in-resident was in porseleinstad Arita, was Jonmar van Vlijmen (De Onkruidenier) in Kyoto om Japanse tuinen te bestuderen. Jonmar nodigde Jacqueline na terugkomst uit voor nadere kennismaking met de SchaduwTuin en sindsdien is ze te gast in de tuin. Voorafgaand aan deze Soft Launch biedt De Onkruidenier een rondgang door de tuin met introductie en voordrachten.
De SchaduwTuin is een langlopend kunstproject van De Onkruidenier. Een proeftuin voor Future Gardening, een paradigma shift om percepties over tuinieren om te buigen. https://onkruidenier.nl/project/future-gardening/#schaduwtuin
Met dank aan de SchaduwTuin, De Onkruidenier – Jonmar van Vlijmen en Ronald Boer, Sachi Miyachi, Yvo van Os, Sander Alblas, Hans Muller/CCC, Theo Mahieu en het Cultuurfonds-Tijlfonds; with special gratitude to Kouraku Kiln and archeologist Murakami-sensei (Arita Museum of History) in Arita, Japan in 2024.
Na de Soft Launch werkt Jacqueline verder aan de porseleinen dakpannen tijdens een 2e residency in Arita, mei-augustus 2026.

zilverlicht_dauwvangende_dakpannen
Jacqueline is sinds een jaar te gast in de Schaduwtuin. Ze observeerde hoe in de vroege ochtend het eerste zonlicht de dauwvorming belicht op de zwarte (klei) dakpannen op de omringende muur. De dakpannen hellen licht naar de binnentuin. Als dauwvangers komt het vocht ten goede aan de ecologie binnen de tuin. Nu ontbreken elf zwarte (klei) dakpannen op de omringende muur.
Jacqueline stelt voor om elf verschillende porseleinen dakpannen te maken die gedurende een jaar geïntegreerd worden in het levende ecosysteem van de tuin. Deze sensitieve en responsieve porseleinen dakpannen worden op de tuinmuur langdurig blootgesteld aan het verstrijken van tijd, invloeden van het weer, seizoenen, zon- en maanlicht. Verval, groei, mosvorming of slijtage zijn geen defecten, maar worden dragers van betekenis. Deze kwetsbare openheid creëert een nieuwe betekenislaag waarin tijd ervaarbaar wordt. Niet als menselijke kloktijd, maar als een traag, gelaagd ecologisch ritme. Jaarrond, tijdens maandelijkse ontmoetingen – ook in regen of bij maanlicht – worden bezoekers uitgenodigd hun waarnemingen te laten spreken: in lichaam, in woorden, in beelden.
Jacqueline werkt in dit project samen met kunstenaarscollectief De Onkruidenier en met kunstenaar Sachi Miyachi. Sachi zal voor dit project speciale draagconstructies ontwikkelen om de dakpannen op respectvolle wijze te bevestigen op de tuinmuur. Voor het ontwikkelen van 3D mallen werkt ze samen met 3D specialisten Yvo van Os en Sander Alblas. Jacqueline ontving een ontwikkelsubsidie van het Cultuurfonds-Tijlfonds voor het eerste materiaalonderzoek.





– English below –
Wat gebeurt er als porselein en tuin samenkomen?
Aanleiding vormde de ontmoeting van Jacqueline met archeoloog Murakami-sensei (Arita Museum of History) in Arita, Japan in 2024. Tijdens het gesprek kwam een onverwachte parallel tussen ‘leegte’ in Japans porselein en in Japanse tuinen ter sprake. Met ‘leegte’ wordt in Japan niet niets of afwezigheid bedoeld, maar eerder potentie.
Tijdens haar artist-in-residency bij Kouraku Kiln in de porseleinstad Arita (2024) ontstond een intensieve dialoog met Jonmar van Vlijmen (oprichter van De Onkruidenier), die in dezelfde periode in Kyoto verbleef om Japanse tuinen te bestuderen. Ze deelden hun fascinaties en ontdekkingen, ook tijdens een ontmoeting in Ryōan-ji, de wereldberoemde ‘droge’ Zen-tuin in Kyoto. Gevoed door de observatie van archeoloog Murakami-sensei – over een onverwachte parallel tussen ‘leegte’ in Japans porselein en in Japanse tuinen – nodigde Jonmar haar na terugkomst uit voor nadere kennismaking met de Schaduwtuin. Sindsdien is Jacqueline te gast in de tuin.
De Schaduwtuin is omringd door een muur met daarop zwarte (klei)dakpannen. De Japanse schrijver Tanizaki beschrijft in ‘In Praise of Shadows’ (1933) hoe in Japan eerst de (zwarte) daken worden gebouwd, waarna het leven in de schaduw kan plaatsvinden. Als gast in de tuin, observeerde Jacqueline hoe in de vroege ochtend het eerste zonlicht de dauwvorming belicht op de zwarte (klei) dakpannen op de omringende muur. De dakpannen hellen licht naar de binnentuin. Als dauwvangers komt het vocht ten goede aan de ecologie binnen de tuin. Nu ontbreken op de omringende tuinmuur elf dakpannen waar plantjes de ‘lege’ tussenruimte innemen. Kan leegte worden beschouwd als potentie van (samen)leven?
Jacqueline is voornemens om elf verschillende porseleinen dakpannen te maken die gedurende een jaar geïntegreerd worden in het levende ecosysteem van de tuin. Met het plaatsen van deze uiterst sensitieve, responsieve porseleinen dakpannen op de tuinmuur, wordt de regie van regeneratieve transformatieprocessen werkelijk overgedragen aan de tuin en het porselein. Levende, organische en mineralogische processen worden in de buitenlucht in gang gezet om ‘door-te-mogen-leven’, of zelfs een eigen leven (biotoop, habitat, werk) te genereren. Hoe reageren planten en diertjes en ook publiek op lichtdoorlatende – waterdoorlatende – dauwvormende porseleinen dakpannen? Onderliggende vragen zijn daarbij: wat betekent leegte als potentie? Wat betekent een ecologische tijdschaal? Of ‘loslaten’ in deze tijd van klimaatverandering en ecologische nood?
Met dit project wordt het samenspel van materialen, tijd en ecologie tastbaar gemaakt. In de tuin worden de porseleinen dakpannen letterlijk en figuurlijk blootgesteld aan weer, seizoenen, zon- en maanlicht en interactie met planten, dieren en publiek. Ze verweren, vergroeien, verzamelen sporen van leven. Deze kwetsbare openheid creëert een nieuwe betekenislaag waarin tijd zichtbaar wordt – niet als menselijke kloktijd, maar als een traag, gelaagd ecologisch ritme. Door deze materialen niet te conserveren, maar open te stellen voor natuurlijke processen ontstaat een levend archief van ecologische tijd. Verval, groei, mosvorming of slijtage zijn geen defecten, maar dragers van betekenis. De materialiteit vertelt het verhaal van verandering, veerkracht en vergankelijkheid, en nodigt uit tot een ander soort kijken: langzaam, observerend, afgestemd op het tempo van ecosystemen.
Het project nodigt uit tot langdurige observatie, een ruimte waarin het verschil tussen menselijke en ecologische tijd voelbaar wordt. Door ons af te stemmen op de langzame, vaak onzichtbare processen van ecologische groei en transformatie, ontstaat ruimte voor een verschuiving in tijdsbeleving. Leegte krijgt hierbij een centrale rol – niet als afwezigheid, maar als potentie. Een ruimte waarin iets mag ontstaan, zonder dat wij als mens het tempo of de uitkomst bepalen. Door te kijken en luisteren op ecologische schaal leren we ons afstemmen op een andere maat van bestaan.
Over:
Jacqueline Heerema is gefascineerd door percepties van tijd en constructies van waarde, die we vaak als vanzelfsprekend beschouwen. Ze beschouwt kunst als publieke ruimte en verbindt kunst en wetenschap met publiek. Sinds 6 jaar giet Jacqueline haar ideeën over tijd, klimaat, landschappen en materie in porselein. Het gieten van het dunste doorschijnende eierschaal porselein als een oefening in vooruitzien op een toekomstig klimaat om de poëzie van Aardse kwetsbaarheid en vergankelijkheid tot uitdrukking te brengen. In deze werken is porselein geen ‘dood ding’. Eierschaalporselein is uiterst sensitief en responsief. Rauw en biscuit (of laag gestookt) porselein is poreus, waterdoorlatend. Hoog gestookt porselein is translucent, lichtdoorlatend. Door een intentioneel gekozen consistente en herkenbare beeldtaal verschuift de focus van esthetiek naar inhoud. Regeneratieve transformatie vormt de kern van de serie Bekers met Ziel en het botanisch porselein. Rauw porselein ontmoet levend botanisch erfgoed. Biomorf, zoals het inblazen van adem voor het rauwe vloeibare porselein stolt. Experimenten met porselein in water met levende wieren, algen en mossen bevragen percepties over levend, niet-levend, ooit-levend en nooit-levend. Processen worden in gang gezet om ‘door-te-mogen-leven’, of zelfs een eigen samenleving (biotoop, habitat, werk) te genereren. Tijd en klimaat worden aanraakbaar gemaakt in een zintuigelijke vorm van ecologische storytelling.
Partners:
De Schaduwtuin in het Amstelpark is een levende ecologische partner. Oorspronkelijk een klassieke siertuin, die werd ontworpen door de Belgische landschapsarchitect René Pechère voor de Floriade van 1972. Parallel aan Japanse Zen-tuinen, kon de bezoeker in het originele ensemble van tuin en paviljoen vanaf de veranda van het bijhorende paviljoen de tuin van afstand observeren. Waar de tuin toen diende als toonbeeld van een zorgvuldig geordende en gecultiveerde natuur, is deze formele structuur door 50 jaar menselijke afwezigheid inmiddels overwoekerd tot een ecologisch tegenbeeld: een ruimte waar de natuur haar eigen tijd volgt. De Schaduwtuin evolueert van ontwerp naar organisme, van representatie naar samenwerking.
Jonmar van Vlijmen is kunstenaar en initiatiefnemer van de Schaduwtuin. in 2022 ontving De Onkruidenier de sleutel van de tuin en doopte de tuin om in Schaduwtuin. Sindsdien is de tuin een proeftuin voor Future Gardening, een paradigma shift om percepties over tuinieren om te buigen. Centraal staat het idee van de ommuurde tuin als een inversie: niet om de natuur buiten te sluiten, maar om juist de wildernis binnen de muren te beschermen tegen de ordenende en controlerende invloeden van het omliggende park. Een ommuurde ruimte waar ecologische processen hun eigen ritme mogen volgen, waarin we onze verhouding tot natuur kunnen heroverwegen. Leren afstemmen op andere vormen van leven, op trage processen, en op de vraag hoe wij als mens deel (kunnen) zijn van een breder ecologisch geheel.
Jonmar beschouwt het gastproject ShadowPorcelain als een waardevolle nieuwe betekenislaag. Hij zal zich inzetten om de langdurige observaties en waarnemingen onderdeel te maken van het ecosysteem van de tuin en de storytelling in een Zine. De muur wordt een ruimte die uitnodigt tot reflectie. Het markeert niet alleen een fysieke grens, maar ook een mentale of filosofische drempel: binnen de muur gelden andere regels van tijd, ritme en aandacht. Het vraagt van de kunstenaars en bezoekers een andere houding: niet beheersen of ingrijpen, maar kijken, wachten, luisteren.
Sachi Miyachi is installatie en performancekunstenaar. Zij maakt locatie-specifieke interventies met vaak ogenschijnlijk eenvoudige houten constructies die reflecteren op verhalen en rituelen, landschap en architectuur en/als sociale omgeving. Haar uitzonderlijk zorgvuldige vakmanschap is geworteld in het Japanse respect voor materialiteit en spiritualiteit. Speciaal voor dit project zal Sachi een serie op maat gemaakte draagconstructies maken om de porseleinen dakpannen respectvol te plaatsen op de bestaande tuinmuur. Ze onderzoekt daarbij materialen en methoden voor het ontwerpen van speciale verbindingen tussen muur en porselein, die gedurende 1 jaar geïntegreerd worden in het ecosysteem van de tuin.
Voor het ontwikkelen van 3D mallen werkt Jacqueline samen met 3D specialisten Yvo van Os en Sander Albas. De meeste foto’s zijn genomen door Theo Mahieu.
Met dank aan de Schaduwtuin, De Onkruidenier – Jonmar van Vlijmen en Ronald Boer, Sachi Miyachi, Yvo van Os, Sander Alblas, Theo Mahieu en het Cultuurfonds-Tijlfonds voor het eerste materiaalonderzoek; with special gratitude to Kouraku Kiln and archeologist Murakami-sensei (Arita Museum of History) in Arita, Japan in 2024.
EN
What happens when porcelain and garden meet?
The inspiration was a meeting of Jacqueline with archaeologist Murakami-sensei (Arita Museum of History) in Arita, Japan in 2024. During the conversation, an unexpected parallel emerged between ‘emptiness’ in Japanese porcelain and in Japanese gardens. In Japan, ‘emptiness’ doesn’t mean nothing or absence, but rather potential.
During her artist-in-residency with Kouraku Kiln in the porcelain city of Arita (2024), an intensive dialogue developed with Jonmar van Vlijmen (founder of De Onkruidenier), who was in Kyoto studying Japanese gardens at the same time. They shared their fascinations and discoveries, also during a meeting in Ryōan-ji, the world-famous ‘dry’ Zen garden in Kyoto. Fueled by archaeologist Murakami-sensei’s observation – about an unexpected parallel between ’emptiness’ in Japanese porcelain and in Japanese gardens – Jonmar invited Jacqueline, upon return, to explore the Shadowgarden in more detail. Since then Jacqueline is a guest in the garden.
The Shadowgarden is surrounded by a wall covered with black (clay) roof tiles. In ‘In Praise of Shadows’ (1933), Japanese author Tanizaki describes how (black) roofs are built first in Japan, after which life can flourish in the shadows. Being a guest in the garden, Jacqueline observed how, in the early morning, the first sunlight illuminates the dew forming on the black (clay) roof tiles on the surrounding wall. The roof tiles slope slightly towards the inner garden. Acting as dew colllectors, the moisture benefits the ecology within the garden. Currently, eleven roof tiles are missing on the surrounding garden wall, where small plants occupy the ‘empty’ space between them.
Can emptiness be perceived as a potential of (co)existence?
Jacqueline intends to make eleven different, extremely sensitive and responsive porcelain roof tiles that during a year will be integrated into the living ecosystem of the garden and become exposed to the passage of time, the influences of weather, seasons, day and night, sunlight and moonlight on the garden wall.
How do plants, animals, and the public respond to light-translucent – water-permeable – dew-forming porcelain roof tiles?
By bringing the garden and porcelain together, the direction of regenerative transformation processes is transferred to the garden and the porcelain. Living, organic, and mineralogical processes are initiated outdoors to allow them to continue living, or even to generate their own life (biotope, habitat, work). Underlying questions are: what does emptiness mean as potential? What does an ecological timescale mean? Or what does it mean to ‘let go’ in this time of climate change and ecological emergency?
With this project, the interplay of materials, time, and ecology is made tangible. In the garden, porcelain roof tiles are literally and figuratively exposed to weather, seasons, sunlight and moonlight, and interaction with plants, animals, and the public. They weather, regrow, and collect traces of life. This vulnerable openness creates a new layer of meaning in which time becomes visible – not as human clock time, but as a slow, layered ecological rhythm. By not preserving these materials, but opening them up to natural processes, a living archive of ecological time is created. Decay, growth, moss formation, or wear and tear are not defects, but bearers of meaning. The materiality tells the story of change, resilience and transience, and invites a different kind of viewing: slow, observant, attuned to the pace of ecosystems.
The project invites prolonged observation, a space in which the difference between human and ecological time becomes tangible. By attuning ourselves to the slow, often invisible processes of ecological growth and transformation, space is created for a shift in our perception of time. Emptiness plays a central role here, not as absence, but as potential. A space where something can emerge, without us as humans determining the pace or outcome. By looking and listening on an ecological scale, artists and audiences learn to attune to a different scale of existence.
About:
Jacqueline Heerema is fascinated by perceptions of time and value systems, which we often take for granted. She perceives art as public space and interconnects art and science with audiences. Since six years she pours her ideas about time, climate, landscapes and matter into porcelain. Casting the thinnest translucent eggshell porcelain is an exercise in anticipation of a future climate to express the beauty of Earthly vulnerability and transience.
In these works, porcelain is not a ‘dead thing’. Eggshell porcelain is extremely sensitive and responsive. Raw and biscuit (or low-fired) porcelain is porous, permeable to water. High-fired eggshell porcelain is translucent, permeable to light. Through an intentionally chosen, consistent and recognizable visual language, the focus shifts from aesthetics to content. Regenerative transformation forms the core of the Cups with Soul series and the botanical porcelain. Raw porcelain meets living botanical heritage. Biomorphic, when blowing breath before the raw liquid porcelain solidifies. Experiments with porcelain in water with living seaweed, algae, and mosses challenge perceptions of living, non-living, once-living, and never-living. Processes are set in motion to continue living, or even generate their own co-habitation (biotope, habitat, work). Time and climate are made tangible in a sensorial form of ecological storytelling.
Partners:
The Shadow Garden is a living ecological partner. Originally a classical ornamental garden, that was designed by Belgian landscape architect René Pechère for the 1972 Floriade. Parallel to Japanese Zen-gardens, in the original ensemble of garden and pavilion, visitors could observe the garden from a distance from the veranda of the accompanying pavilion. While the garden then served as a showcase of carefully ordered and cultivated nature, after 50 years of human absence, this formal structure has now been overgrown into an ecological counterpart: a space where nature follows its own time. The Shadow Garden evolves from design to organism, from representation to collaboration.
Jonmar van Vlijmen is an artist and the initiator of the Shadow Garden. In 2022 De Onkruidnier received the key to the garden and renamed the garden Shadowgarden. A test site for Future Gardening, a paradigm shift to reshape perceptions about gardening. Central to this is the idea of the walled garden as an inversion: not to exclude nature, but rather to protect the wilderness within the walls from the ordering and controlling influences of the surrounding park. A walled space where ecological processes are allowed to follow their own rhythm, where we can reconsider our relationship with nature. Learning to attune to other forms of life, to slow processes, and to the question of how we as humans are (or can be) part of a broader ecological whole.
Jonmar considers the guest project ShadowPorcelain a valuable new layer of meaning. He intends to collect and integrate the long-term observations and perceptions into the garden’s ecosystem and the storytelling in a zine. The wall will become a space that invites reflection. It marks not only a physical boundary, but also a mental or philosophical threshold: within the wall, different rules of time, rhythm, and attention apply. It demands a different attitude from the artists and visitors: not to control or intervene, but to look, wait, and listen.
Sachi Miyachi is an installation and performance artist. She creates site-specific interventions with often seemingly simple wooden structures that reflect on stories and rituals, landscape and architecture, and/or as a social environment. Her exceptionally careful craftsmanship is rooted in the Japanese respect for materiality and spirituality. Specifically for this project, Sachi will create a series of custom-made supporting structures to respectfully place the porcelain roof tiles on the existing garden wall. She will research materials and methods for designing special connections between wall and porcelain, which will be integrated into the garden’s ecosystem over a period of one year.
For the development of 3D molds, Jacqueline collaborates with 3D specialists Yvo van Os and Sander Albas. Most pictures are courtesy of Theo Mahieu.
With thanks to the Schaduwtuin, De Onkruidenier – Jonmar van Vlijmen and Ronald Boer, Sachi Miyachi, Yvo van Os, Sander Alblas, Hans Muller/CCC, Theo Mahieu and the Cultuurfonds-Tijlfonds for the initial materials research; with special gratitude to Kouraku Kiln and archaeologist Murakami-sensei (Arita Museum of History) in Arita, Japan in 2024.